Menno ter Braak
aan
A.A.M. Stols (Brussel)

Rotterdam, 14 februari 1931

Rotterdam, 14 Febr. 1931

 

Amice,

Hierbij het contract geteekend retour. Geluk er mee! Ook dank voor toezending van prospectus en omslagen. Lijkt me zeer goed.

Ik zag, dat je (zeer verstandig) in het prospectus een vermanend woord richt tot mijn collegae, de leeraren in het Nederlandsch. Mocht je adressen van die heeren noodig hebben, dan kan ik je mijn ‘jaarboekje’, waar ze allemaal in staan, leenen. Het is zeker geen kwaad idee, om op het moderniteitsgevoel van deze menschen te speculeeren, juist omdat ze het zoo volkomen missen. Laat me dus nog even weten, als je hen wilt bewerken, dan zend ik je het ding ter leen.

Ik ben bezig ‘Man tegen Man’ te corrigeeren.

M.v.gr.

tt.

Menno ter Braak

 

N.B.

Bijna vergat ik nog een delicate opdracht. Ik sprak n.l. eergisteren Elisabeth de Roos, die mij vroeg, of het waar was, dat je een secretaresse zocht; zij heeft n.l. geen betrekking en zou in dat geval graag willen solliciteeren.

Ik kon haar geen uitsluitsel geven, maar beloofde haar, het jou te vragen. Zou je me dus nog even willen laten weten, of het gerucht inderdaad waar is, en of zij eventueel, in dat geval, in aanmerking zou komen?

 

Origineel: Den Haag, Letterkundig Museum

vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie