E. du Perron
aan
Menno ter Braak

[31 maart 1932]

Donderdagmorgen

 

Beste Menno,

Ik sluit mijn briefkaart van gisteravond hierin, omdat je brief, die ik met de morgenkoffie kreeg, nog even moet beantwoord. Die beide heeren zijn in hun schrijven aan jou veel minder aestheten enz. alswel filmtijdschriftleiders. Als zoodanig hebben zij, zoowel tegen jou als tegen mij, over de heele linie gelijk. Ons gelijk ligt op een ander terrein; maar niet, zooals Scholte bot opmerkt, op dat van de literatuur. Ik heb hem geantwoord dat ik zijn ‘filmische’ bezwaren zeer goed begreep, maar niet dat hij mij van ‘literaire’ bezwaren verdacht; en dat het mij zelfs onmogelijk zou zijn een literaire bespreking van films te geven, zoodat hij nooit te maken had, noch zou hebben met den literator du Perron (dat hij opeens mijn naam niet meer spellen kan is ook een griezelig verschijnsel), maar met den toeschouwer van dien naam. Als hij dat niet begrijpt, zal ik hem dat op een scherper manier aan het verstand zien te brengen - in Forum dan maar - al zou hij van ‘heftige bitterheid’ groen worden. - Als hij zegt: ‘de film laat zich niet door de literatuur overwinnen’, neemt hij het woord ‘literatuur’ in een anderen zin dan ik; - want ik zou zeggen: inhoud. En die inhoud, die jammerlijk rot is, kàn met geen mogelijkheid literair worden besproken, aangezien hij filmisch bestaat, en met deze film, die door Scholte koek genoemd wordt, één is. Wanneer zijn koek door de ‘literatuur’ nog altijd naar zand en grint smaakt, dan wòrdt de film ook door de ‘literatuur’ overwonnen, of althans grondig verpest, wat meer is dan ik zou willen beweren!

In laatste instantie gaat onze ‘rel’ weer tegen de specialisten; anders niet. Maar deze specialisten, die het nog steeds met zooveel ijver zijn, hebben gelijk wanneer ze mij voorhouden dat ik op hun terrein nooit specialist was, en dat jij een afvallige dito bent. Jouw eenige standpunt kan zijn: dat jij het, in dit stadium van de filmkunst, niet meer de moeite waard en zelfs idioot vindt als specialist op te treden. En de eenige consequentie (die door de beide heeren al gevoeld wordt) is dan: dat jij uit dit specialistenblad treedt.

Maar is dat de moeite waard? Wat Jordaan zegt van die ruzie is zeer sympathiek. Als je op de redactievergadering niet tot een betere oplossing komt en zij jouw stuk in hun blad ook weigeren, zou het dan niet beter zijn, als wij het heele geval als een ‘algemeene’ filmkwestie in Forum liquideerden? Ik zou kunnen beginnen met mijn bespreking van Sjanghai Express + antwoord aan Scholte + algemeene beschouwingen; in een volgend nummer kan jij dan je stuk zetten met wat er nog noodig aan moet worden toegevoegd als het zoover is. Dit lijkt mij-als wij tenminste plaats hebben! - beter dan met gekibbel onderdak te worden gebracht in die specialistenkraam.

Mijn moeder is ziek en kan vandaag weer niet weg; misschien blijven we dus nog wel langer. Schrijf in ieder geval niet meer naar Scheveningen, maar naar Voorburg voor een afspraak.

Beste groeten, en tot ziens? -

je

Eddy.

 

Zie ook de geactualiseerde versie van het notenapparaat van de brieven-editie Van Galen Last (1962).

 

Origineel: Letterkundig Museum, Den Haag

vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie