E. du Perron
aan
Menno ter Braak

Parijs, 20 februari 1935

Parijs, 20 Febr. '35

 

Beste Menno,

Allereerst nog even een ‘rechtzetting’. Mijn waardeloosverklaring van de citaten van Nietzsche tegen Nietzsche wil niet zeggen dat Marsman, Hitler en jij hem dus allemaal terecht citeeren, maar dat jullie hem, ieder voor zijn ‘eigenbelang’, zonder recht citeeren. Het is precies het verschil als tusschen 2 × een half leeg en 2 × een half vol glas; de overeenkomst van het resultaat is maar schijnbaar. - Je hebt volkomen gelijk als je Hitler met Nietzsche bewijst dat Nietzsche geen Duitschlandvereerder en jodenhater was; maar tegenover Marsman komt jouw Nietzsche interpretatie van dichtervreter ook op vervalsching neer. En dit terwijl ik er zeker van ben dat je geheel te goeder trouw bent: je denkt dat je nuanceert, terwijl je in werkelijkheid het tegenstelde standpunt inneemt. De studie over Nietzsche die jij zou moeten schrijven is: Nietzsche als dichter. Dat Nietzsche, bij Marx vergeleken bv., heel onherstelbaar een dichter was staat toch ook wel voor jou vast?

De oneerlijkheid in dit citeeren komt hierop neer: als iemand een complete studie over Nietzsche publiceert, zegt de lezer: ‘Mooi; dat is dus de opvatting van Andler, of Bertram, of Ter Braak’. Terwijl bij dit tegen elkaar citeeren veel meer de schijn gewekt wordt dat Nietzsche zelf spreekt, dus zichzelf telkens op de tong bijt, als de ‘advocaten’ knap genoeg zijn - een knapheid die heel best met overtuiging samengaat.

Verder las ik met veel instemming je stuk over Guéhenno en Helman. Het is zeer goed, hoe betrekkelijk kort dan ook. Het stuk over de vuurtjes minder, voor mijn smaak, maar toch zeer goed leesbaar. Ik stel voorop dat ik je absoluut bewonder om de frischheid en de werkkracht waarmee je telkens weer zulke goede artikelen weet voort te brengen, die, ook als ze journalistiek zijn, dan toch nog behoren tot de allerbeste journalistiek.

Bep is wederom gevleid dat ze zich geciteerd ziet als ‘parijsche correspondent’!!

Klausje is minder goed over je te spreken in zijn hart dan als hij je ontmoet. Malraux heeft hem een dag of 5 geleden hier gezien en naar je gevraagd, waarop Klausje hem heeft meegedeeld dat je een over het paard getilde, onaangename en pretentieuse snuiter was. Ik heb Malraux, en Guéhenno, die erbij stond, uitgelegd waarom, zeer tot vermaak van allebei, want Malraux gelooft de flauwekul van Klausje zoo al, terwijl Guéhenno met veel verachting die noordelijke Flucht gelezen heeft. Er is sprake van, voor Guéhenno, dat zijn boek in het duitsch vertaald wordt en dan komt het wschl. of in Holland of in Zwitserland uit. In Holland liefst bij Querido, maar het protectoraat van Klausje staat Guéhenno tegen; hij denkt dat hij daar te duur voor betalen moet, ‘étant donné que ce M. Klaus Mann n'a aucun talent’.

De goede Guéhenno gaat volgende week naar Holland, voor 4 lezingen in Amsterdam, Hilversum, Bussum en Utrecht. Niet Den Haag. Maar Malraux en ik hebben hem gezegd dat hij daar toch heen moest; niet alleen om Den Haag zelf te zien, maar om zich in een gesprek met jou te restaureeren na de rotlui die hij elders zal ondergaan. Ik zal hem dus je adres geven, en zie dan of je een middag of avond voor hem vrij kunt maken.

Je zult hem wel erg geschikt vinden: het is een nogal klein, leelijk mannetje, met een erg sympathieke manier van praten, rustig, bescheiden, door en door eerlijk, dat is wel zijn grootste kracht. Hij is leeraar en leider van Europe, dus precies jouw collega vóór je aan Het Vaderland ging! Neem hem maar mee naar het Mauritshuis. Hij is links georienteerd, zonder stompzinnigheid. [Dit is een mislukt portretje van hem; hij ziet er veel slordiger uit, minder haar en meer aardappelgezichtje; een terugloopende kin en een groote kinderlijke mond met onregelmatige tanden, maar veel sympathieker dan dit idiootje dat ik geteekend heb. Vooral minder haar, hoewel op deze manier gekamd.]

Ik zie hem overmorgen nog eens en zal hem je stuk dan voorvertalen, dat hij zeker heel sympathiek zal vinden. Hij spreekt langzaam, wat voor jou wschl. wel prettig is. - Van langzaam gesproken: wij kregen gisteren bij Malraux een Hindoe-journalist op interview, waarbij Clara, Bep en ik als tolk fungeerden, veel te veel tolken voor de zeer onheldere uitwisseling, die bovendien nog gecompliceerd werd door een bezoek van een duitsch kunstkritikus, Carl Einstein, zoodat alles zeer komisch werd. Toch heeft de Hindoe er, geloof ik, wel profijt van gehad!

Je reactie op die Slau-historie kan ik mij best verklaren. De kwestie is dat je Slau ziet als een logisch mensch, terwijl hij iemand is met een wel reëele ondergrond, maar verder vol bevliegingen. Als je hem beter kende zou je - als je eenmaal vrienden met hem was - dat zelf zoo opvatten. Ook zijn bedankbriefje aan Borel was een bevlieging; hij denkt dan opeens dat hij ‘iets doen moet’, en ageert soms uit baloorigheid, bijv. omdat hij denkt: ‘maar eigenlijk zou ik dat van die andere forummers niet mogen.’ Dat hij het land aan Vic heeft is zeker niet waar. [Dat hij uit de verte een ‘intrige’ heeft opgezet is ook niet waar; hij meent in alle ‘onschuld’ dat dit zijn argumenten waren, ook tegen Vic, en hij vindt au fond nu nog dat wij hem slecht gehandhaafd hebben!]

Enfin, het vervelendste is toch voor jou geweest, - al spijt het mij after all niet dat Vic nu precies weet wat we allemaal over die N.R.C.-snert van hem denken. Ik vind zijn verdediging trouwens ook nù heel zwak, en kan me niet voorstellen dat jij - die precies voor dezelfde moeilijkheid in Het Vad. staat - hem in deze houding kunt bijvallen. Hij teekent zijn stukken niet, maar toch is hij niet anoniem, evenmin als De Meester of Hopman indertijd. Maar soit... Ik zal met Slau over dit alles nu maar zoo min mogelijk praten.

Ortega y Gasset is ook een ‘mindere man’, ondanks zijn door ons gedeelde liefde voor het ‘liberale’. Hoe meer je van hem leest, hoe onaangenamer hij voor je zal ruiken. Probeer nòg maar iets. Ik hoop dat je Guéhenno zult zien, schrijf me dan (als je het niet eerder doet). Tot zoover nu maar weer. Sterkte, ook tegenover de film, en met veel hartelijks, ook onder Bep en Ant,

je

E.

 

Belangrijk. - Heb jij ook dat papier gekregen van dien ‘Bond van Kunstenaars voor Cultureele Rechten’? Het is een zoodje, dat het onderteekend heeft, maar moeten we er niet toch lid van worden? En zooniet, moeten we dan niet reageeren (in Forum) en ons verklaren waarom niet en hoe we 't wel zouden willen? (bv. Van Schendel president of zoo.) Antwoord hierop.

 

[E.d.P.-d.R.:] O, ik vind dat nieuwtje over Lucullus W. zoo mooi!! Al beklaag ik jou. Beteekent geschorst dat hij niet eens ontslagen is?

 

Zie ook de geactualiseerde versie van het notenapparaat van de brieven-editie Van Galen Last (1962).

 

Origineel: Letterkundig Museum, Den Haag

vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie