Het Rotterdamsch Lyceum
aan
Menno ter Braak (Rotterdam)

Rotterdam, 9 december 1933

9 December 1933.

 

Zeer geachte Heer ter Braak,

Ik kwam in het bezit van Uw brief van 22 November l.l., waarvan ik mededeeling deed aan het bestuur van het Rotterdamsch Lyceum. Het spijt het bestuur zeer, dat de verandering in Uw werkkring U het Lyceum doet verlaten. Het bestuur had gaarne gezien, dat Gij nog langen tijd aan de school verbonden waart gebleven en de aangename verhouding, die tusschen U en de school en haar leerlingen bestaat, hadt bestendigd.

Het bestuur verleent U ingevolge Uw verzoek eervol ontslag uit Uw betrekking met ingang van 1 Maart 1934 of zooveel eerder als Uw opvolger zijne functie zal hebben aanvaard. Het bestuur zegt U dank voor Uw diensten, aan de school bewezen, en voor de belangstelling, voor haar betoond. Het wenscht U voldoening en succes in Uw nieuwen werkkring en hoopt met U dat Gij gelegenheid zult hebben, Uw relatie met de school niet geheel te verbreken.

Hoogachtend

Uw dw.

G.J.C Schilthuis Secr.

 

Origineel: Den Haag, Letterkundig Museum

vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie