Briefwisseling Menno ter Braak - Leo Ott

Leo Ott
aan
Menno ter Braak

Rotterdam, 23 oktober 1934

Aan de Kunstredactie

Het Vaderland

te 's Gravenhage

 

Rotterdam, 23 October 1934

 

Mijnheer,

In beleefd antwoord op Uw schrijven d.d. 16 dezer met Uw verzoek tot medewerking aan Uw enquête moet ik U tot mijn leedwezen meedelen, dat ik hieraan niet kan voldoen. Ten eerste beschouw ik mij in litteris te zeer als outsider, ten tweede lees ik zo goed als geen Nederlandse boeken, gemiddeld nog geen vijf per jaar en daarvan hoogstens twee tot het bittere einde. Wel lees ik vrij veel critieken, o.m. de Zondagmorgenbesprekingen van Uw geëerd blad, die mij steeds de overtuiging geven, dat ik niets gemist heb. Aldus kan ik over stelselmatige over- of onderschatting van Nederlandse auteurs niets meedelen, noch er een mening over hebben. Ik weet er niets van.

Voor het overige zie ik het resultaat van Uw enquête met gepaste belangstelling tegemoet.

Hoogachtend:

Leo Ott.

 

Origineel: Den Haag, Letterkundig Museum

vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie